Eberhard van der Laan: van straatvechter tot burgervader

Eberhard van der Laan's naam zal altijd verbonden blijven met Amsterdam. Hij groeide uit van een politiek straatvechter in de jaren negentig van de vorige eeuw tot een gewaardeerde burgervader.

'Ach, flikker op, ik woon in De Baarsjes, waar woon jij? Ouwehoer!' Het is, onbedoeld, de beroemdste zin die Eberhard van der Laan ooit heeft uitgesproken. Als een inspreker tijdens een stadsdebat in cafe De Kroon onder leiding van AT5-presentator Ton van Royen Van der Laan toebijt: 'je bent nog nooit bij een Amsterdammer op visite geweest', ontploft de toenmalige fractievoorzitter van de PvdA. 'Je bent gewoon een ouwehoer! Je hebt nog helemaal niet gehoord wat ik wil zeggen!'

Het tekent de straatvechter Van der Laan, die laat zien dat hij het politieke handwerk heeft geleerd van Jan Schaefer, de roemruchte wethouder stadsvernieuwing. Van der Laan is begin jaren tachtig zijn politiek assistent en zal zich altijd 'een kind van Schaefer' blijven noemen. Hij zal uiteindelijk, net als zijn leermeester, een flinke stempel op de geschiedenis van Amsterdam drukken.

Amsterdam: liefde op het eerste gezicht
Van der Laan en zijn hartstochtelijke liefde voor de stad. Het is een rode draad in zijn leven. 'Wat een mooi stadje hè', zegt hij vaak liefkozend. In 1976 vestigt de geboren Rijnsburger zich in Amsterdam. Hij gaat rechten studeren op de VU en sluit zich vrijwel direct aan bij de PvdA. Het is de tijd van het kabinet Den Uyl en in Amsterdam is de partij oppermachtig. Elke buurt heeft wel een eigen PvdA-afdeling. De jonge Van der Laan toont zijn juridische kwaliteiten en uithoudingsvermogen als hij vecht voor het behoud van de huurbescherming. Hij trekt al gauw de aandacht van de lokale PvdA-top en zeker van Jan Schaefer, die de jonge student als politiek assistent onder zijn hoede neemt.

Tekst gaat verder onder de foto:
Burgemeester Van der Laan tijdens een debat in de Melkweg
Mediator
Toch besluit Van der Laan dat het nog te vroeg is om zich volledig op de politiek te storten. Eerst wil hij ervaring opdoen in de advocatuur en eventjes lijken de politieke ambities bekoeld. Maar als hij gevraagd wordt om op de lijst van de gemeenteraadsverkiezingen van 1990 te gaan staan, hapt Van der Laan toch toe. Een stap waar hij nooit spijt van zal krijgen, want al snel voelt hij zich als een vis in het water in de Amsterdamse politiek. Zijn ervaring als advocaat zal hem de rest van zijn politieke leven van pas komen: in menig conflict in Amsterdam zal hij later optreden als mediator en weet hij, zelfs als beide partijen nauwelijks bereid lijken hun loopgraven te verlaten, mensen nader tot elkaar te brengen. Als hem in 1994 gevraagd wordt wat voor soort politicus hij is, antwoordt hij: 'Als het niet zo neerbuigend zou klinken zou ik zeggen: een amateur. Iemand die vanuit zijn maatschappelijke positie, dus vanuit zijn werk, in mijn geval is dat advocaat, gewoon een bemoeial is en zich met politiek wil bemoeien.'

Tekst gaat verder onder de video:



Partijleider

Van der Laan wordt al snel leider van de PvdA, in een tijd dat het niet meer vanzelfsprekend is dat de sociaal-democraten afgetekend de grootste zijn in de stad. Aan de partij kleeft het beeld van 'we rule this city' en de PvdA heeft bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1990 een flink zetelverlies moeten incasseren.

Van der Laan probeert dat beeld bij te stellen en kiest ervoor om de gehele periode in de raad te blijven zitten en geen wethouder te worden. De strijd tegen krakers in de stad maakt in die jaren plaats voor de strijd tegen de georganiseerde criminaliteit, met name in het Wallengebied. De zorg om leegstand en verloedering wordt langzaam ingeruild voor de vrees voor 'vertrutting' van Amsterdam, een woord dat Van der Laan altijd zal blijven verafschuwen. In zijn ogen is de stad er sinds de jaren tachtig 'een stuk beter' op geworden. Als hem tijdens zijn burgemeesterschap in een discussie over de tweedeling in de stad gevraagd wordt wat Schaefer zou denken als hij nu door Amsterdam zou lopen, antwoordt Van der Laan: 'Hij zou als eerste trots zijn dat de stad er zo mooi bij ligt.' 

Minister
In 1998 besluit Van der Laan dat zijn taak erop zit. Hij verlaat de gemeentepolitiek om weer fulltime advocaat te worden. Maar in 2008 kruipt het bloed toch waar het niet gaan kan: op verzoek van partijleider Wouter Bos volgt hij Ella Vogelaar op als minister van Wonen, Wijken en Integratie, zijn favoriete beleidsterrein.

Lang kan Van der Laan niet genieten van zijn functie: in 2010 valt het kabinet over de kwestie Afghanistan, waarna Bos het partijleiderschap overdraagt aan toenmalig burgemeester Job Cohen. En zo komt Van der Laan, die eigenlijk zijn werk in Den Haag wil afmaken, voor een lastige keuze te staan. Cohen vraagt hem of hij in plaats van op de lijst voor de Tweede Kamer te gaan staan niet liever burgemeester van Amsterdam wordt. Na een korte periode van aarzeling besluit hij naar de functie te solliciteren.

Tekst gaat verder onder de video:



Burgemeester van 'alle Amsterdammers' 
In Amsterdam is het ondertussen zeker geen uitgemaakte zaak dat opnieuw een PvdA’er het hoogste ambt van de stad op zich zal nemen. Er woedt een flinke strijd tussen D66 en de PvdA over de 'bestuurscultuur' in Amsterdam. De sociaal-liberalen verwijten de PvdA te gemakkelijk de baantjes te verdelen in de stad. D66 probeert dan ook de benoeming van Lodewijk Asscher tot waarnemend burgemeester te voorkomen. College-onderhandelingen tussen beide partijen en GroenLinks, mede onder leiding van Van der Laan als informateur, lopen stuk.

Als de vertrouwenscommissie uit de raad ook nog eens VVD'er Annemarie Jorritsma als meest geschikte kandidaat voor het burgemeesterschap naar voren schuift, lijkt zijn komst naar Amsterdam allerminst zeker. Toch besluit de raad in een besloten zitting niet Jorritsma, maar Van der Laan voor te dragen als burgemeester. De linkse meerderheid steunt hem, maar Van der Laan zal moeten bewijzen een burgemeester van 'alle Amsterdammers' te kunnen zijn.

'Dat ís mijn maatje'
Dat lukt Van der Laan uitstekend. Tijdens zijn kennismakingsronde door de stad wordt duidelijk dat juist de omgang met de Amsterdammer hem gemakkelijk afgaat. Als hem op de markt, met een cameraploeg van AT5 in zijn nek, een oranje string wordt aangeboden, zegt Van der Laan: 'Dat ís mijn maatje' en neemt het onderbroekje lachend in ontvangst. Vaak onder het genot van een sigaretje kan Van der Laan het juist met de 'gewone' Amsterdammer prima vinden. 'Zulke lieve mensen', zal hij dikwijls zeggen als hij het over 'zijn' Amsterdammers heeft.

Zedenzaak
De vuurdoop als burgemeester komt als in december 2010 duidelijk wordt dat de Amsterdamse kinderdagverblijf-medewerker Robert M. zich vergrepen heeft aan tientallen zeer jonge kinderen. Een schok gaat door de stad en Van der Laan organiseert bijeenkomsten om de getroffen ouders in te lichten. Tijdens het hele proces stelt hij het belang van de ouders voorop en schuwt daarbij de directe aanpak niet. Als de advocaat van M., Wim Anker, de gemeente verwijt wel erg vaak aan het woord te zijn, reageert Van der Laan bij AT5 getergd op Anker: 'Waarom met je snuit in de krant? Je kunt ook gewoon wachten tot je aan de beurt bent.' M. wordt uiteindelijk veroordeeld tot 19 jaar cel en TBS voor het misbruik van 67 kinderen. Van der Laan geeft een commissie onder leiding van Louise Gunning de opdracht te onderzoeken hoe dit misbruik plaats heeft kunnen vinden en om met aanbevelingen te komen hoe de kinderopvang veiliger kan worden gemaakt.

Fred Hund
Als in oktober 2010 Fred Hund, eigenaar van een juwelierszaak aan de Jan Evertsenstraat, bij een overval wordt doodgeschoten, wordt het Van der Laan duidelijk dat de aanpak van de criminaliteit in de stad op de schop moet. De dodelijke schietpartij inspireert hem tot het opzetten van de Top600, een lijst met de 600 meest criminele jongeren van de stad. Ook hier komt hij in aanvaring met vertegenwoordigers van zijn voormalige beroepsgroep, die klagen dat de criteria om op de lijst te komen niet helder zijn. 'De cliënt kan heel makkelijk zichzelf van de lijst afhalen door zich gewoon te gedragen', reageert Van der Laan op AT5 laconiek.

Tekst gaat verder onder de video:


Drukte
Als Van der Laan tijdens Koninginnedag 2011 door de Vijzelstraat loopt en ziet dat de hulpdiensten nauwelijks meer door de straat kunnen, besluit hij dat er iets moet gebeuren. De stad is tijdens de Oranjeviering veel te vol geworden en is op die dag 'niet meer van de Amsterdammers'.

Hij besluit dat het zeer populaire 538-feest niet meer op het Museumplein past, en krijgt het voor elkaar dat het festijn uit de stad vertrekt. Ook trekt Van der Laan in oktober 2016 openlijk aan de bel omdat er in zijn ogen te weinig wordt gedaan aan de toegenomen drukte in de stad. 'Het is een paar minuten voor twaalf', zegt hij in een speech in de Stadsschouwburg. Dat sommigen de toespraak opvatten als openlijke kritiek op het beleid van het stadsbestuur maakt hem niets uit: 'De bewoners van Amsterdam horen op de eerste plaats te staan. Voor te veel bewoners is het al lang niet leuk meer in de stad.'

Inhuldiging
De troonopvolging van Beatrix door Willem-Alexander zal uiteindelijk de meesterproef worden voor Van der Laan. De moeizame verhouding van de hoofdstad met de Oranjes heeft voorgaande koninklijke feestjes niet altijd vlekkeloos doen verlopen. Maar het inhuldigingsfeest in 2013 wordt een groot succes. Door de Ajax-huldigingen, Koninginnedagen en Sail is Van der Laan ervan doordrongen dat crowd management in de huidige tijd van het grootste belang is. Hij zorgt ervoor dat de festiviteiten op verschillende plaatsten in de stad plaatsvinden, met de Koningsvaart op het IJ als hoogtepunt. Als aan het einde van de dag tien F16’s de stad bedekken onder een rood-wit-blauwe deken, en er 'slechts' 98 arrestaties zijn verricht, weet Van der Laan dat de troonswisseling geslaagd is. Hij houdt er, ondanks zijn lidmaatschap van het Republikeins Genootschap, een prima verstandhouding met Willem-Alexander en Maxima aan over.

Nieuwe termijn
'Wel is er, naast meer balans in de stad, ook meer balans nodig in mijn leven.' Met deze woorden maakt Van der Laan in oktober 2015 bekend graag een tweede termijn te willen als burgemeester. Van der Laan staat bekend als 'mateloze' man die het uiterste van zichzelf vergt. Dat betekent lange werkdagen, terwijl er thuis ook nog een jong gezin wacht. De ontdekking van prostaatkanker in 2013 is daarbij een wake-up call. Hij probeert werk en privé beter op elkaar af te stemmen. Van de prostaatkanker weet hij uiteindelijk te genezen: een jaar later wordt hij 'schoon' verklaard. Zijn herbenoeming blijkt een formaliteit. D66-leider Jan Paternotte noemt hem 'één van de beste burgervaders van het land' en ook in de stad is Van der Laan ongekend populair. Vol goede moed en met evenveel energie begint hij aan de volgende ronde.

Tekst gaat verder onder de video:

Longkanker
'Lieve Amsterdammers, met deze brief breng ik u op de hoogte van slecht nieuws. Deze week is bij mij uitgezaaide longkanker geconstateerd.' Begin 2017 brengt Van der Laan het trieste nieuws naar buiten dat hij ernstig ziek is. Zijn functie neerleggen wil hij echter niet. 'Ik blijf graag nog een poosje uw burgemeester', schrijft hij. En dat gebeurt. Terwijl hij aan zijn behandelingen begint, nemen wethouders taken van hem over.

Uit de hele stad krijgt Van der Laan steunbetuigingen. 'Je probeert er als burgemeester voor iedereen te zijn. En dan is het fijn als je in zo'n situatie ziet dat iedereen er voor jou wil zijn', zegt Van der Laan een paar weken later tegen AT5. 

In een, bij vlagen, emotionele aflevering van het VPRO-programma Zomergasten blikt Van der Laan eind juli terug op zijn periode als burgemeester en roept hij Amsterdam op vooral 'die lieve stad' te blijven. Bijna een miljoen mensen zien Van der Laan aan het einde van de uitzending vechten tegen de tranen als presentator en gast hebben gekeken naar een bijeenkomst voor Ajacied Abdelhak Nouri. 'De tranen zitten bij de verbroedering', niet bij het verdriet, constateert presentator Janine Abbring.

Van der Laan zegt verschillende keren dat hij 'nog een poosje' burgemeester wil zijn. Vandaag blijkt de ziekte dan toch te sterk. Na zeven jaar komt een einde aan het burgemeesterschap van Eberhard van der Laan.