Stad

NL
V

Hoogste rechter: 'Intakegesprekken sekswerkers mogen wel'

29 augustus 2018, 11.46 uur · Aangepast 29 augustus 2018, 12.33 uur · Foto: Soa Aids Nederland

De voorwaarden die burgemeester Van der Laan opstelde voor raamexploitanten en sekswerkers zijn niet te streng. Dat heeft de Raad van State bepaald . Wel worden enkele voorwaarden geschrapt.

De exploitanten en sekswerkers stapten vorig jaar naar de rechter omdat ze het onder meer niet eens waren met de verplichte intakegesprekken voor nieuwe sekswerkers. Uit deze gesprekken van een uur zou moeten blijken of een prostituee vrijwillig als sekswerker aan de slag wilt of dat er bijvoorbeeld sprake is van mensenhandel. Als er later blijkt dat er toch sprake is van illegale prostitutie kan de vergunning worden ingetrokken. 

Lees ook: 'Rechter haalt prostitutiebeleid gemeente onderuit'

De rechter gaf de exploitanten gelijk en zette een streep door een groot deel van het beleid van de gemeente. De rechtbank vond het toen opmerkelijk dat sekswerkers de exploitanten moeten voorzien van persoonlijke informatie. Volgens de voorwaarden van de gemeente moeten exploitanten de intakeformulieren inzichtelijk maken voor handhavers. Dit vond de rechter vorig jaar in strijd met de Wet bescherming persoonsgegevens.

Maar in hoger beroep vangen de exploitanten nu toch bot. De Hoge Raad besliste dat de burgemeester wel bepaalde voorwarden mag stellen aan raamprostitutie. Zo mocht de burgemeester wél intakegesprekken verplicht stellen. Ook mag de maximale verhuurtijd van een kamer worden beperkt, iets waar de sekswerkers en exploitanten ook tegen waren.

Lees ook: 'Raamexploitanten kunnen signalen mensenhandel lang niet altijd herkennen'

Bij enkele eisen krijgen de exploitanten en sekswerkers gelijk. Zo wordt de voorwaarde dat toezichthouders inzicht moet krijgen in intakeverslagen van tafel geveegd door de Hoge Raad. Er was ook een eis dat een exploitant binnen twaalf minuten lopend aanwezig moet zijn bij een raam als een toezichthouder hier om vraagt. Deze voorwaarde is volgens de Hoge Raad te verstrekkend en wordt ook vernietigd. Exploitanten mogen ook niet meer verantwoordelijk worden gehouden voor overtredingen van de hygiëneregels als ze er geen zicht op hebben en geen invloed op kunnen uitoefenen.