Politiek

Minister over inspectie Haga Lyceum: 'Men voelde zich niet meer voldoende veilig om hun werk voort te zetten'

14 maart 2019, 18.32 uur · Aangepast 14 maart 2019, 20.22 uur

De onderwijsinspectie die een bezoek bracht aan het Cornelius Haga Lyceum en die inspectie voortijdig moest stoppen, 'voelde zich niet meer voldoende veilig om hun werk voort te zetten.' Dat zei onderwijsminister Slob vanmiddag in de Tweede Kamer.

In de kamer werd gedebatteerd over de 'zorgelijke situatie' die er volgens de NCTV en AIVD heerst op het Cornelius Haga Lyceum in Nieuw-West. 

'Vrees voor ordeverstoringen' 
De onderwijsinspectie moest een onaangekondigd bezoek op 6 maart onderbreken, omdat de inspecteurs zich bedreigd voelden. Slob: 'Men voelde zich niet meer voldoende veilig om hun werk voort te zetten.'

Volgens de minister zei een bestuurder van de school dat als het werk voortgezet zou worden, hij vreesde voor ordeverstoringen. 'In dat geval zou hij de mensen niet in de hand kunnen houden', zei de bestuurder volgens Slob.

Lees ook: Minister Slob: 'Personen op Haga Lyceum wilden helft van de lessen over salafisme'

Waarom geen sanctie?
Volgens Tweede Kamerlid Michel Rog van het CDA had daarop een sanctie moeten volgen: 'Er had een bekostingsmaatregel genomen moeten worden.' Maar volgens de minister kan dat niet: 'Het is niet zo dat we de subsidie stop kunnen zetten als de inspectie een keer is geweigerd.' Maar bij een volgende weigering zal dat wel het geval zijn: 'Als dit opnieuw gebeurt zal ik daar niet voor terugdeinzen, maar gelukkig zijn de bezoeken weer opgestart.'

'Uiteindelijk is de inspectie deze week weer aan het werk gegaan, en vandaag zijn ze weer naar de school gegaan. We hebben er belang bij dat er goed onderzoek komt', aldus Slob.

Lees ook: Dossier Cornelius Haga Lyceum

'Geen enkel bewijs'
Het Haga Lyceum is juist boos op de inspectie, omdat een concept-rapport met daarin een goede beoordeling van de school nooit openbaar is gemaakt. 'Ik steek er mijn hand voor in het vuur dat de dertig docenten en bestuursleden hier geen banden hebben met een terroristische organisatie. Moslims zijn ook mensen met gevoel. Het doet pijn dat wij verdacht worden gemaakt zonder enige vorm van bewijs', zei bestuurder Söner Atasoy daar eerder over. 

Politiek verslaggever Ronald Olsthoorn over het debat in de Tweede Kamer:

Geen sluiting
Meerdere partijen drongen er bij minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid op aan om de school te sluiten. Maar ondanks dat hij zei zich zorgen te maken over de nationale veiligheid liet hij weten weinig te kunnen doen: 'Er zit bij mij geen enkele bevoegdheid op dit punt.'

'Wij hebben deze ernstige zorgen naar buiten gebracht omdat wij vinden dat de bevolking dit moet weten en moet kunnen meewegen bij hun schoolkeuze', aldus Grapperhaus. 'Mijn taak is om de nationale veiligheid te bewaken. Daarom is besloten dit naar buiten te brengen.'