Stad

NL
V

Meer Amsterdamse kinderen 'illegaal' in de stad: 'Ik maak me zorgen om mijn toekomst'

14 december 2019, 20.48 uur · Aangepast 15 december 2019, 14.54 uur · Door Redactie

Het verhaal van Daniel Buter, die ondanks dat hij zijn hele leven in Noord woont dreigde te worden uitgezet, maakte veel los in het land. Toch lijkt zijn situatie niet op zichzelf te staan. AT5 sprak met twee kinderen die ook al (bijna) hun hele leven in Amsterdam wonen, maar geen verblijfsvergunning of identiteitsbewijs hebben. 

Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND)

André* is veertien jaar en woont sinds zijn zesde in Nederland. Hij kwam samen met zijn ouders uit Brazilië. 'Mijn ouders kwamen naar Nederland voor een beter leven. Toen gingen we gelijk in Amsterdam wonen. We wonen in een huis in West, via via. Een Nederlandse nationaliteit voor mij hebben we nog nooit aangevraagd. Volgens mij omdat we weten dat dat afgewezen gaat worden.'

Ook Maria*, vijftien jaar, heeft Braziliaanse ouders. Zij woont al haar hele leven in West. 'Vroeger was ik echt bang dat ik zou worden uitgezet. Dat heeft me heel veel stress opgeleverd. Nu weet ik dat dat niet zomaar kan gebeuren. Mijn ouders kunnen wel uitgezet worden. Daar ben ik zeker weleens bang voor.'

'Misschien willen ze me niet meer zien'

André loopt in zijn leven vaak aan tegen het feit dat hij niet de Nederlandse nationaliteit heeft. 'Als ik naar het ziekenhuis moet bijvoorbeeld. Ik ga dan naar Het Rode Kruis en ik moet heel lang wachten voordat ik geholpen word. Ook moeten we dan heel veel betalen omdat ik niet verzekerd ben. Ook kan ik geen huisarts hebben.'

Maria vertelt over het moment dat ze aan haar beste vriendinnen vertelde dat ze officieel illegaal in Nederland is. 'Ik zag er erg tegenop om het ze te vertellen. Toen ik het ging vertellen dacht ik: het zou kunnen dat ze me vanaf nu niet meer willen zien. Maar ik wilde het toch vertellen, want ik wil dat ze mij honderd procent kennen. Uiteindelijk viel hun reactie heel erg mee. Ze waren een beetje verbaasd en stelden heel veel vragen. Maar het veranderde niets voor hen.' 

Criminaliteit of prostitutie

Gianni da Costa komt als vrijwillig jongerenwerker met veel meer jongeren als Maria en André in aanraking. 'Het enige basisrecht dat deze kinderen hebben is onderwijs. Wij kunnen naïef doen en denken dat ze teruggaan, maar ze blijven. Ik denk vaak: waar zijn we mee bezig? Want op deze manier leiden we potentiële criminelen op. Je leidt ze op, terwijl ze hier vervolgens niet kunnen werken. Dan zien ze dat anderen mooie kleren of een telefoon hebben en dan kiezen ze ervoor om makkelijk geld te gaan verdienen.'

Da Costa vertelt dat het niet alleen de criminaliteit is waarin de jongeren met wie hij gewerkt heeft belanden. 'Ik spraak laatst ouders van een meisje met wie ik gewerkt heb. Zij zit nu in de prostitutie. En dat is wat ik vaker hoor. Ze zien dat hun ouders weinig geld verdienen met hun baan als schoonmaker of in de bouw en willen zelf iets anders. Als je verder nergens mag werken blijven de criminaliteit en prostitutie over.'

Zorgen om toekomst

Ook de ouders van Maria werken als schoonmaker, iets wat Maria zelf echt niet ziet zitten. En ook haar ouders willen niet dat Maria hen achterna gaat. 'Ze weten hoe zwaar het is en willen niet dat ik het ook zo zwaar krijg. Zelf wil ik iets met forensisch onderzoek gaan doen. Maar ik maak me wel zorgen om mijn toekomst. Ik zit volgend jaar in het laatste jaar van school. Het is de vraag of ik überhaupt wel kan gaan studeren.'

André vertelt dat het ook op de momenten dat hij er niet mee geconfronteerd wordt, niet prettig is om geen Nederlandse nationaliteit te hebben. 'Het geeft me een slecht gevoel. Je bent toch gewoon illegaal in het land. Zo voel ik me niet, maar soms denk ik er wel over na en dan denk je: ik ben een illegaal. Dat is geen leuke gedachte.'

* André en Maria zijn gefingeerde namen. De echte namen zijn bekend bij de redactie.